Ik ben op zoek naar gegevens over de familienaam Halfhide,mijn oma Marie Halfhide was gehuwd met Johannes Luijsterburg in 1939 zijn ze met het hele gezin van Paramaribo naar Amsterdam gegaan.
Zoals velen ben ik op zoek naar mijn roots, tot nu toe ben ik nog niet verder gekomen dan de ouders van mijn oma, dit waren Johannes Gerrit Halfhide en Louisa Magdelena Rustenburg.
Is er iemand die ook maar iets weet over dit gezin, alles is welkom.
Hi,
Ik weet zelf niets over deze familie.
Ik weet alleen dat er een jaargenoot Halfhide samen met mij heeft gestudeerd in Utrecht.
Hij is momenteel als tandarts werkzaam in AMSTERDAM.
Misschien weet hij wel meer over jullie(gemeenschappelijke?) familie.
Hier is het adres en telefoon
G.A.J. Halfhide
Sumatra straat 82
Tel. 020-6938778
Bedankt voor jullie reacties, alles is welkom.
Als je zo weinig weet van deze kant van de familie als ik weet is iedere tip een houvast.
Nu kan ik binnen de familie weer gericht vragen gaan stellen, anders krijg ik geen antwoorden ze zijn niet zo vertellerig.
In Amsterdam-Oost woont een vrouw, Carla Halfhide, zij was getrouwd met de bekende Henri Stephen, schrijver en misschien nog werkzaam in het AMC. (Academisch Medisch Centrum afd. psychiatrie ?) Telnr. en adres zijn te vinden in het telefoonboek.
Carla Halfhide is gescheiden van meneer Stephen die de oso dresie boeken heeft geschreven. Carla is een dochter van Oppie Halfhide en mevrouw Stance Halfhide
Zij woonden aan de Weidestraat in Paramaribo.
Zelf heb ik ook gezeten met een Percy Halhide op de ST aloysius school in Paramaribo. Percy woonde dacht ik in de Keizerstraat. Is nu woonachting in Dordrecht.
Ik hoop dat je hier iets aan hebt.
Groeten
Dennis
This message has been edited by 2buzzy van IP adres 213.201.137.114 on Dec 30, 2002 1:21 PM
Omstreeks 1793 was de heer A.A. Halfhide eigenaar van de plantage Nieuw Mocha nabij de Para kreek. Deze plantage was een houtgrond. de direkteur was toen J.C. Stumpf. Deze informatie heb ik uit de almanak van 1793
Daarnaast bestond er ook een plantage Halfhidelust aan het pad van wanica tevens houtgrond eigenaar D.J. Pardo
Het lijkt erop alsof Halfhideslust en Nieuw Mocha hetzelfde zijn maar ik weet het niet zeker.
Ik hoop dat je hier wat aan hebt
Groeten
Dennis lee Kong
This message has been edited by 2buzzy van IP adres 213.201.137.114 on Dec 30, 2002 1:21 PM
Op de hoek van het pad van Wanica en de Jadoenathmissierstraat woont nog steeds de familie Halfhide of een deel van dat gezin, Edgar Halfhide is nu dik in de zeventig en heeft 7 kinderen.
Halfhide heeft in totaal 36 mensen gemanumitteerd zie database Ara bij genealogie Creolen.
Ik heb hier de meest relevante voor je gekopieerd
Halfhide, Johannis Figaro
slavennaam Figaro of Johannis geslacht M beroep onbekend eigenaar/vrijlater Jean Francois Halfhide, voor de minderj. dochter A.F. Halfhide haar in eigend. aankomende (126: boedel Affie Frederica Halfhide) datum cautie onbekend bedrag cautie 0 datum borgtocht onbekend bedrag borgtocht 0 borgen onbekend aanmerkingen GR 13-11-43, no. 1407; GR 08-01-44, no. 15: met toestemming van de gemanumitteerde verzocht Jean Francois Halfhide naamsverandering in Johannis Figaro Hide
8. Halfhuid, Maria Wilhelmina
slavennaam Maria geslacht V beroep Te jong eigenaar/vrijlater A.M.A. Halfhide datum cautie onbekend bedrag cautie 0 datum borgtocht onbekend bedrag borgtocht 0 borgen onbekend aanmerkingen GR 12-12-60, no. 1483; geb. 1853; dochter van Juliana (Johanna Juliana Halfhuid)
9. Halfhuid, Johanna Juliana
slavennaam Juliana geslacht V beroep Naaister eigenaar/vrijlater A.M.A. Halfhide datum cautie onbekend bedrag cautie 0 datum borgtocht onbekend bedrag borgtocht 0 borgen onbekend aanmerkingen GR 12-12-62, no. 1411; geb. 1836; dochter van Martha
Ik hoop dat je deze gegevens kan gebruiken
Dennis
This message has been edited by 2buzzy van IP adres 213.201.137.114 on Dec 30, 2002 1:21 PM
Mevrouw Ilse Halfhide-Alwart is al 18 jaar overleden maar haar dochter Martha woont nog op desbetreffend adres en Glenn Halfhide haar broertje woont aan de Jadhoenathmissier weg 1
Beste mw. Jonkers,
De stiefmoeder van mijn beste vriendin heet Halfhide. Ik zag toevallig al dezelfde naam voorbijkomen op deze site, maar weet niet zeker of het over dezelfde persoon gaat. Deze mevr. Halfhide is ondertussen getrouwd Slijngard. Ik heb evt. contactgegevens, mocht u hier behoefte aan hebben.
Hallo wat ik wil vertellen is dat de naam halfhide en halfhuid hetzelfde is.
Ik had een tante die Ilse halfhide heette ze komen van de gongrijpstrat ze was getrouwd met Izaak Goossen ook overleden. Er wonen een paar kinderen hier in nederland en een paar in Suriname te Tamenga projekt.
Halfhide is de enige grote naam uit de surinaamse architectuur die nooit een overheidsfunctie heeft bekleed. Hij is de bouwmeester van de monumentale nederlands-israelitische synagoge aan de Keizerstraat. (1835 - 1837)
In de periode 1821 - 1835 werd de stad na de twee grote stadsbranden opnieuw opgebouwd. Er moest in korte tijd zeer veel werk worden verricht. Ongetwijfeld heeft meestertimmerman Halfhide in die periode zeer veel gebouwd, maar het is niet mogelijk zijn naam te koppelen aan thans nog bestaande gebouwen.
Halfhide is verder alleen nog bekend van de bouw van een aantal zeer elementaire (zeg maar rustig: slechte) boerenwoningen te Voorzorg in Saramacca, in 1844, als voorbereiding van de kolonisatie door nederlandse boerengezinnen:
"........met Primo December 1844 ving Halfhide zijn arbeid aan. Geweldige aanhoudende regens, achterlijkheid in het verstrekken van bouwgereedschappen en materialen uit de stad belemmerden den voortgang van het werk en in plaats van in 26 weken (tegen het begin van Junij 1845 werden de 50 eerste kolonisten verwacht) 50 dezer gebouwtjes daar te stellen, kreeg Halfhide er in 30 weken met veel moeite 23 klaar....." (Wolbers, p.701).
Halfhide en de hoogduitse synagoge aan de Keizerstraat
In 1833 wordt geconstateerd dat de bestaande synagoge aan de Keizerstraat, reeds 114 jaar oud, niet meer de moeite van het repareren waard is. De vergadering van Parnassijns, het dagelijks bestuur van de nederlands-israelitische gemeente, neemt het besluit een nieuw gebouw op te zetten.
Er is niet veel geld, dus zij besluiten geen aparte architect in dienst te nemen, maar rechtstreeks een paar aannemers te benaderen voor een tekening en een prijs. Zij selecteren de "timmerbazen" Heyman (?) en Halfhide.
In de vergadering van ...... worden de ontwerpen van beide heren besproken. De voorkeur gaat uit naar het ontwerp van Heyman, dat van Halfhide acht men te onpraktisch. Voor de zekerheid besluit men om een deskundige architect te vragen, om - gratis - de plannen te beoordelen. Ook deze deskundige heeft een voorkeur voor het plan van H, maar stelt dat beide plannen onvoldoende zijn en hertekend moeten worden. Aldus geschiedt. H. verzekert zich hierbij van de diensten van de ervaren stadsarchitect C. A. Roman, die in het vervolg als zijn partner optreedt.
Ook in de tweede ronde gaat de voorkeur uit naar het plan van H. en Roman. Maar.......de prijs ! Ook na intensieve onderhandelingen willen de partners niet zakken beneden een prijs van 12500,- arbeidsloon. De ervaren Roman, bepaald niet gek, laat zich niet onder druk zetten. Hij is zojuist opgestart met de herbouw van de Lutherse en Hervormde kerk, en heeft werk genoeg.
De concurrent Halfhide stelt zich zachter op, en laat zich uiteindelijk drukken tot een prijs van 10.000,- arbeidsloon. Hij krijgt het werk. De parnassijns doen echter de schone belofte - uiteraard mondeling - dat indien hij werkelijk niet uitkomt de prijs in alle redelijkheid zal worden herbekeken .........
Het werk vangt aan in 1835. In de archieven bevindt zich nog de vrijwel volledige bouwadministratie, zodat het bouwproces goed te volgen is. De bouw verloopt zonder technische problemen. Halfhide is een uitstekend vakman. Maar het geld komt met mondjesmaat. De schone beloften blijven echter in overvloed komen, en Halfhide maakt het werk met geleend geld af. Hij heeft er - volgens eigen zeggen - de bezittingen van vrouw en kinderen voor moeten verpanden.
Zo af en toe ontstaan er vreemde situaties. Bij ziekte van een der Parnassijns krijgt Halfhide de opdracht het werk dan maar even stop te zetten. Halfhide, met 50 man werkloos op de bouw, doet hierover terecht zijn beklag en waarschuwt voor een vordering vanwege extra arbeidsloon. Ook zegt hij dat de takels en het touwwerk ervan niet te lang ongebruikt in weer en wind kunnen staan (sic).
Waarschijnlijk achter Halfhide's rug om, doet de jonge architect Voigt aan de Parnassijns het voorstel om een moderne amerikaanse portico aan de synagoge te bouwen. De Parnassijns vinden Voigt's idee fantastisch, maar laten Halfhide de uitvoering doen. Halfhide offreert 2000,-, maar volgens de Parnassijns wil Voigt het wel voor 1500,- doen. Uiteindelijk besluit Halfhide het dan ook maar voor 1500,- te doen.
In 1837 is de feestelijke oplevering. De bouwmeester, zo ongeveer failliet, zal ongetwijfeld een eregast zijn geweest. Spoedig daarna dient hij een meerwerkrekening in, maar inmiddels heeft een bestuurswisseling plaatsgevonden, van enige beloften door het vorige bestuur is niets bekend, en Halfhide's vordering wordt afgewezen. In de vergadering wordt gesteld dat H.'s schulden een gevolg zijn van het feit dat hij zijn geld voor andere doeleinden dan de bouw heeft gebruikt. Bovendien, zo stellen de Parnassijns, is de Synagoge een stuk duurder dan gepland uitgekomen, vanwege een rekenfout van Halfhide.
Halfhide neemt het niet, en schrijft een hernieuwde vordering, waarin hij het bestuur in beleefde termen voor onbetrouwbare rotte vis uitmaakt. Het bestuur zit er toch wel mee in zijn maag. Uiteindelijk schijnt er een schikking te zijn gekomen (hoe is niet bekend), want in de archieven bevindt zich nog een brief uit 1839 waarin Halfhide verklaart van verdere vorderingen af te zien.
Er is een heel grote website van de familie Pinas online, waarin ook Halfhides voorkomen. Mogelijk kan je daar een link vinden.
Zoek maar naar de familie Pinas via de Google zoekmachine en dan vind je de website wel.
Ben zelf ook bezig om de familie van mijn vrouw (zelf een Brandon, maar haar groormoeder was H.C. Halfhide) uit te zoeken. Hierna volgen wat fragmenten.
Hieronder rust het stoffelijk deel van den Weled. gestr. Heer
Andrew Anthon Halfhide
In leven oud Raad in den Edelachtbare Hove van Politie
en Crimineele Justitie dezer Kolonie
Geboren in het graafschap Essex te Waltham
in Engeland op den 28 ste Maart 1743
en alhier ontslapen den 10 den September 1824.
Hieronder rust het stoffelijk deel van Mej.
Maria Johanna Charlotte Halfhide
Geboren alhier in Paramaribo op de 7 den April 1793
en ontslapen in den ouderdom van 51 jaar en 8 dagen.
We kunnen de draad eerst weer oppakken bij Julius Johannis Halfhide. Op 14 maart 1884 verschijnt hij, samen met Catharina Esther Dahlberg, voor de heer John Cornelis Burne, “Gequalificeerd Griffier bij het Kantongerecht in Coronie, als zoodanig belast met de uitoefening van het Notarisambt in de districten Beneden en Boven Saramacca, residerende op het station Groningen, district Beneden Saramacca", om de huwelijkse voorwaarden te regelen.
Julius Johannis Halfhide is districtsgeneesheer, Catharina Esther Dahlberg heeft volgens de akte geen beroep of maatschappelijke betrekking. Ondanks dat is zij de enige die ‘iets' inbrengt.
Op 8 september 1909 behaagt het Hare Majesteit Koningin Wilhelmina Julius Johannis Halfhide te benoemen tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, een Orde ingesteld in 1892. De Minister van Koloniën, de heer De Waal Malafijt, stemt in met deze benoeming.
Julius Johannis Halfhide wordt hiervan op 20 oktober 1909 in kennis gesteld door de waarnemend Gouvernements-Secretaris. Voor deze eervolle aangelegenheid is hij echter wel f 0,75 zegelkosten verschuldigd.
Uit dit huwelijkt twee kinderen:
Helena Cornelia Halfhide
Eddy Halfhide
De ambtenaar van den Burgerlijken stand te Paramaribo verklaart bij deze dat het huwelijk van
Henri Guillaume Brandon, gescheiden echtgenoot van Wilhelmina Johanna Hendrika Wisße
en
Helena Cornelia Halfhide
blijkens de daarvan opgemaakte akte, voorkomende in het Huwelijksregister van 1914 onder N° 183 op heden overeenkomstig de voorschriften der Wet voltrokken en gesolemniseerd is, zoodat hetzelve kerkelijk kan worden ingezegend.
Paramaribo, den 4den Augustus 1914
De Ambtenaar van den Burgerlijken Stand te Paramaribo,
Toen ik op de middelbare school zat heb ik les gehad van Henk Halfhide, hij gaaf spaans. Een enorm gedreven persoon. Geweldige leerkracht. Hij is helaas veel te jong gestorven. Henk Halfhide ligt begraven op de algemene begraafplaats in Almelo. Ik weet niet of je hier iets mee kan maar misschien woont zijn echtgenote nog steeds in Almelo.
Succes met je verdere zoektocht!