<< Vorig Onderwerp | Volgend Onderwerp >>terug naar Index  

l' Esperance aan de Surinamerivier

February 6 2004 at 12:27 AM
No score for this post
dikland  (no login)
van IP adres 206.61.43.243

 
informatie over plantage l' Esperance

groeten,
Philip Dikland


suikerplantage l' Esperance aan de Surinamerivier
linkeroever in het afvaren
volgorde in het afvaren: Horeb, zonder naam, Ayo, Carolina's Hoop, Namrek, zonder naam, l'Esperance, Amsterdam, Carracas


chronologie:

1719 - kinderen van Jan Coutier (warrand 1774)

Gouvernementslandmeter Helledaij onderzocht in 1774 de eigendomssituatie van de plantage, maar kon daarover geen definitief uitsluitsel geven, ".... dewijl de bewijzen van eigendom dewelken mij ter hand gesteld zijn (bestaande in verscheide waranden en concessien (die) alle oud en onverstaanbaar waaren exept een warand van den WelEdelen Gestrengen Heer Joh: Coetier den 15 maart 1719 ten faveure van deszelfs respective gezamentlijke kinderen ...."

De oudst bekende eigenaar van de plantage is dus Johan Coetier. Deze Johan (of Jean) Coutier was gouverneur van Suriname vanaf 1718 tot zijn overlijden in 1721. Hij heeft weinig sporen nagelaten in de archieven, behalve één aantekening in het kerkarchief. Want in 1718, na hun aankomst, traden hij en zijn vrouw toe als lid van de gereformeerde gemeente van Paramaribo:
".... 1718 xber 25 D: heer John de Coetier gouverneur met Attestatie ; Joanna Elizabeth de Coetier met Attestatie...."

Wolbers schrijft het volgende over zijn bestuur:
"... den 15den November 1717 werd Jean Coutier tot gouverneur aangesteld, doch nam eerst den 2den Maart 1718 het bestuur op zich. Het wegloopen der slaaven schijnt toen reeds zorgwekkend te zijn geworden, daar wij lezen, dat Coutier kort na de aanvaarding van zijn bestuur (den 21sten julij 1718) de straf des doods hierop stelde. Deze geweldige maatregel bragt eerder verbittering dan verbetering te weeg, het gewone gevolg van gewelddadige maatregelen. Coutier verwisselde reeds den 2den september 1721 het tijdelijke met het eeuwige ..." (geschiedenis van Suriname, p. 102)

In 1719 trad Carel Willem Coetier toe als lidmaat, en in 1721 Henriette Agnies Coutier. Waarschijnlijk waren zij kinderen van de gouverneur. Van Henriette Agnies (of Agneta) is dat welhaast zeker, want zij wordt later genoemd als erfgename van de plantage.
Uit 1729 is Louis Coetier bekend, maar waarschijnlijk was deze niet gerelateerd aan de inmiddels allang overleden gouverneur. Deze Louis Coutier heeft zijn gehele leven in Suriname gewoond, en was eigenaar van de suikerplantage De Vier Kinderen aan de Tawaycoerekreek in Para.



1737 - 1770 - erven J. Coutier (kaart Lavaux 1737 en 1770)



1793 - P. D. Jenatsch, C. S. de Sausyn (almanak 1793)

Zowel Jenatsch als Sausin waren verre erfgenamen van Jan Coetier. Zij bekleedden hoge militaire posities in Nederland, en hebben nooit in Suriname gewoond. Het bezit werd beheerd door administrateurs, met name G. A. D. de Graaf en Jan Henke. De directeur was in 1793 C. G. Stichner. De plantage produceerde nog steeds suiker.



1821 - C. D. Graham, A. Barkly (almanak 1821)

Het eigendom van de plantage geschiedde nog steeds middels vererving ; kolonel Colin Dresdas Graham was gehuwd met Maria Magdalena de Jenatreh, dochter van Paul de Jenatsch. Ook deze eigenaren hebben Suriname nooit bezocht.
De suikerplantage had in 1821 een oppervlakte van 2000 akkers. W. Kennedy was de directeur, de administratie was in handen van A. Cameron.
Enige jaren later verkocht Graham de plantage aan Henry Davidson, die deze weer doorverkocht aan William Fraser te Berbice. Omstreeks 1830 bezocht Teenstra de plantage om gegevens te verzamelen voor zijn boek. l'Esperance was toen een vrij grote suikerplantage met een slavenmacht van 157 mensen, en een stoomgedreven suikerpersinstallatie.



1843 - Geo Fraser

Fraser beheerde de plantage zelf. l' Esperance was in die tijd een kleine suikerplantage met 96 slaven.



1863 - emancipatie

De eigenaren waren Nicolaas Joseph James Tyndall (Suriname, op plantage L'Esperance), George Henry Tyndall (Amerika) en Charles Samuel Tyndall (Australie).
De "tegemoetkoming" bedroeg f 29.700,-- voor een slavenmacht van 109 mensen. De bekende Surinaamse familienaam Fitzjames origineert van de plantage.



1863 - 2003 - nader uit te zoeken



2003 - verlaten

In Maart 2003 bezochten Philip Dikland en Michael Becker de plantage. De oude plantage is volledig verlaten en met bos overgroeid. Er zijn 2 kreken, ongeveer honderd meter uit elkaar gelegen, hetgeen het vermoeden wekt dat daartussen vroeger een suikermolen heeft gestaan. Inderdaad zijn in beide kreekjes losse bakstenen, en op het "eiland" ertussen zijn nog 2 suikerrollen, 53 cm diameter en maar liefst 4,5 cm dik ; één van de twee is gebroken.
Voorwaar, een schamele oogst. Het lijkt erop alsof alle bruikbare opstallen reeds lang geleden zijn gesloopt.

Gids Jules Stuger van Redi Doti is vele jaren onderwijzer in het binnenland geweest, waarvan twintig jaren in Redi Doti. Hij is nu gepensioneerd. Een kleine kwieke man van omstreeks 60 jaren, die de meeste tijd doorbrengt met vissen en jagen. Maar zijn status van schoolmeester blijft hem bij. Overal waar hij gaat wordt hij begroet met "maitre" en is men blij als men hem een kleine dienst kan bewijzen.



bronnen:

1 - Heinrich Helstone, Okke ten Hove e.a. - emancipatieregisters

2 - gids: Jules Stuger, Redi Doti, nabij de winkel van mevr. Stuger.

3 - inventarissen

1764 ARA NOT inv. no. 218 f. 573
gegevens: 69 slaven, watermolen, suiker, koren, cassave, bananen, tayer, koffie, negerkostgrond, schapen, pluimvee, moestuin
ligging: Suriname aan de rechterhand tussen de plantage Retour en het land van de erven Jonas Witsen
eigenaren: erven Coetier
verzoeker: Pieter van Akeren, aangesteld als administrateur en zaakgelastigde der eigenaren, per procuratie van burgemeesters en schepenen van Arnhem
directeur van de plantage L ' Esperance, gemachtigd door Henriette Agneta Coetier, douairiere mr: Everhard Rudolph Huijghens, gewezen burgemeester van Arnhem, per machtiging van 16 juli 1764
Willem Jan Tulleken, oud burgemeester van Hattum en leengriffier des Furstendoms Gelre en Graafschaps Zutphen, zo voor zichzelf en als weduwnaar, boedelhouder en tochtenaar van wijlen zijn vrouw Catharina Jacominia Otters, universeel erfgename van A: Coutier.
Douairiere Huijgens-Coetier is gevolmachtigde van de volgende personen:
Johanna Dorothea Coetier, echtgenote van Johan Casper van Pabst, J: G: van Pabst, commandeur van het fort Loevensteijn en kapitein van de Verenigde Nederlanden ; Christoffel Jan de Sausin, luijtenant ten dienste van de Ver: Ned: ;
Sara Henriette Coetier, universeel erfgename van wijlen Charlotte Maria Coetier, wed: van Gerhard Coetier
gebeurtenis: overdracht der administratie aan Pieter van Akeren, als zaakgelastigde van wed: E: R: Huijgens-Coetier, uit handen van wed: G: F: Schuster-des Loges
directeur: J: G: Brauw

1765-08-14/15 ARA NOT inv. no. 221 f. 93
gegevens: c. 10 a 1500 akkers, 70 slaven, watermolen, suiker, tayer, bananen, cassave, kostgrond, schapen, pluimvee, moestuin, taxatie: Nf 70.621,-
eigenaren: Henriette Agneta coetier, wed: van mr: E: R: Huijghens, die burgemeester was van Arnhem ; mr: Johan Gasper van Pabst, commandeur van het fort Loevesteijn en kapitein van de Ver: Nederlanden, gehuwd met Johanna Dorthea coetier ; Christoffel Jan de Sausin, luitenant in dienst der Ver: Ned: gehuwd met Sara Henrietta Coetier, erfgenamen van wijlen Charlotte Maria coetier, wed: van wijlen Gerhard Coetier ; en tot slot Willem Jan Tulleken, oud burgemeester der stad Hattum en leengriffier van Gelderland en graafschap Zutphen, voor zichzelf en als weduwnaar en als executeur over nalatenschap van zijn vrouw Johanna Otters. Deze is tevens erfgenaam van Adriana Coetier
verzoeker: Pieter van Akeren, zaakgelastigde van de eigenaren der plantage L ' Esperance, volgens procuratie van burgemeesters en schepenen van Arnhem van 16 juli 1764
directeur: J: F: Beijnhausen

1772-06-28/29 ARA NOT inv. no. 235 f. 605
gegevens: 2000 akkers, 85 slaven, watermolen, suiker, kappewerie, tayer, bananen, koffie, schapen, moestuin, taxatie: Nf 143.777,-
ligging: Suriname aan de rechterhand tussen de plantage Nieuw Amsterdam (vroeger Retour) en het land van erven Jonas Witzen
eigenaren: Paul de Genaijts (1/2 deel) ; Jan de Sausijn (1/2 deel)
verzoeker: Pieter van Akeren, zaakgelastigde van de eigenaren Paul de Genaijts, kapitein van het regiment Grisons van luitenant kolonel Smith (voor de helft) en Jan de Sausijn, ritmeester in het regiment van de luijtenant generaal (voor de andere helft)
directeur: Albertus Nicolaas Smith

4 - overlijdensberichten Gereformeerde gemeente

1758-januari 18 Debet Boedel Hend: Henschelius - 't begraven van zijn Ed: op de plant: L: Esperance f 10,- (kerkboek Paramaribo, Commewijne en Cottica - Perica 1756 - 1763)

1759-januari 26 Debet Boedel Govert de Kruijf - A doodgravers Emolum: voort bekentm: van zijn overlijden op de plant: L' Esperance f 9,- (grootboek van Suriname 1757 - 1765, per client)

Overigens is het niet duidelijk of het hier gaat om plantage l'Esperance aan de Surinamerivier ; in Commewijne was er een plantage met dezelfde naam.

5 - warranden (dienst der domeinen, Paramaribo)

1825-06-09

Alzoo wij bij onze resolutie van heden no. 202 om reden en invoege daarbij vermeld hebben besloten te verlenen een warand voor de plantage L' Esperance gelegen aan de rivier Suriname zoals dezelve plantage meer ten brede is beschreven in het hier aan geannexeerde certifikaat van den landmeeter Mabé in dato heden opgemaakt alsmede in de daarbij overgelegde geapprobeerde kaart.
Zo is het dat wij dienvolgens verlenen dezen grondbrief om aan den eigenaar, deszelfs erven of recht verkrijgenden, te strekken tot een bewijs van allodialen en erffelijken eigendom van dezelve plantage L' Esperance, zoals dezelve beschreven is in de hier aangehegte geapprobeerde certifikaat van den landmeeter Mabé en in de daarbij vermelde en overgelegde geapprobeerde kaart.
Verlenende wij dezen grondbrief onder alle zodanige bepalingen als ten aanzien van deze plantage en hetzelver gronden reeds ....ten zijn en alsnog mogten worden daargesteld, blijvende te allen tijde in geval van verkoop het regt van naasting aan den landsheer gereserveerd.
Aldus gedaan en met onze handtekening en gouvernements zegel bekragtigd Paramaribo in de kolonie Suriname den 9 junij des jaars 1825 van zijner majesteit regering het twaalfde
A: de Veer
ter ordonnatie van zijne excellentie
de secretaris van het gouvernement

Certifikaat
Relatief de plantage L'Esperance gelegen aan de rivier Suriname ter regterhand in het opvaren tusschen de verlatene grond Eikenhoop en de plantage Namrek
De tegenswoordige eigenaar is Henrij Davidson welke legaal transport heeft verkregen van A: Cameron qq in qualiteit als gemagtigde van den kolonel Colin Dresdas Graham en diens echtgenote Maria Magdalena de Jenatreh ; dezelve is alsnu weder verkocht aan William Fraser in Berbice voor de som van 145.000 gulden sur cour.
De warand waarop deze plantage verleend is door langdurigheid van tijd niet meer aanwezig en kan dus voor dezelve eene nieuwe warand worden opgamaakt.
De kaart van deze plantage is aanwezig ter gouvernemnts secretarij portefeuile der rivier Suriname L: 6 fo 9 ; dezelve is getekend door den landmeeter A: H: Helledaij den 27 februarij 1774 en geapprobeerd door den gouverneur Jan Nepveu den 19 augustus 1778, en heb ik van dezelve op heden twee coppijen vaardigd.
Deze plantage heeft den inhoud van 2000 akkers omsloten in de volgende lijn als : de face aan de rivierzijde ter lengte van 133 kettingen ; de zijlijnen ter lengte van 100 kettingen, 46 1/2 kettingen, 10 kettingen, 60 kettingen, 132 kettingen en een lijn wiens lengte op de kaart niet aangetekend wordende ; overigens gesloten door een lijn ter lengte van 123 kettingen.
Aldus gedaan en in triplo afgegeven alhier aan Paramaribo den 9 junij 1825
de geadmitteerde landmeeter
Mabe
geapprobeerd bij resolutie van zijne excellentie den heere generaal majoor gouvereneur der kolonie Suriname van donderdag den 9 junij 1825 no. 202 de secretaris van het gouvernement

kaart en bijbehorende tekst / get: / Henf: Helledaij, den 27 februarij 1774
tekst op deze kaart:
Ik ondergeschrevene gesworen landmeeter dezer colonie verklare hiermede ten verzoeke van den WelEdele Heer P: van Akeren in qualiteit als administreerende de plantage L'Esperance gelegen in de rivier Suriname ter regterhand in het opvaren aldernaast de benedenlijn van de zogenaamde plantage Horeb, vóór dezen het westland van Palmaniribo, aankomende den WelEdelen Gestrengen Heer Jan de Sausijn voor de eene helft en den WelEdelen Gestrengen Heer Paul de Jenatsch voor de andere helft, ende na behoorlijke waarschouwing aan de wederzijdsche buuren de gemelde plantage L'Esperance op de generale caart van deze kolonie bekend onder de nommer van 56 te hebben uitgemeten ; en dewijl de bewijzen van eigendom dewelken mij ter hand gesteld zijn (bestaande in verscheide waranden en concessien (die) alle oud en onverstaanbaar waaren exept een warand van den WelEdelen Gestrengen Heer Joh: Coetier den 15 maart 1719 ten faveure van deszelfs respective gezamentlijke kinderen van meergem: plantage L' Esperance waarin echter zowel de breedte en diepte als de nombre van akkers is openstaande) zo hebbe ik mij ten meesten parten gereguleerd na gemelde generale caart van deze colonie en bevonden deze plantage L'Eperance zonder prejudice van iemand hoegenaamd zich ook te strekken en inderdaad te zijn gelegen zoals ik dezelve hier neffens gecarteerd heb, houdende dusdanig de nombre van twee duizend akkers land in zo eene figuur als besloten is op deze caart binnen de letter ABCDEFGHI
Edoch alles onder nadere hoog gunstige approbatie van den WelEdelen Gestrengen Heer Gouverneur Generaal dezer colonie.
Actum Paramaribo den 27 februarij 1774
/ get: / Hend: Helledaij gesw: landmeeter
Gezien de nevenstaande kaarte der uitmeting door den gesworen landmeter A: H: Helledaij gedaan approbeeren dezelve in alle zijne leden en deelen echter ongeprejudiceerd eenige andere concessien van de buiten en aangelanden
Actum Paramaribo den 19 augustus 1778
(get: ) Jan Nepveu
ter ordonnantie van den heer gouverneur
(get: ) J: F: Ulrici gesw: clercq
Aldus getrouwelijk gecopieerd naar de origineele berustende ter gouvernements secretarij portefeuille der rivier Suriname L: C: fo. 9 alhier aan Paramaribo den 9 junij 1825
de geadmitteerde landmeeter
Mabe

=========

1825-01-07

Gelezen het request van mr: D: J: Presburg qq voor Henrij Davidson dd heden daarbij te kennen gevende, dat des suppliant principaal voornoemde Jb: Davidson deszelfs plantage L' Esperance gelegen aan de rivier Suriname heeft verkocht aan William Franser in Berbice voor de som van 145.000 gulden surinaamsche kourant.
Dat hij suppliant qq ten behoeve van genoemden kooper evengemelde plantage legalijk willende transporteren daartoe is behoevende onze explicatie omtrent het regt van naasting.
Dat voornoemde Henrij Davidson van de vorige eigenaren legaal transport derzelve plantage heeft verkregen onder zodanige bepalingen als wij bij onze resolutie van den 25 maart 1824 no. 91 hebben daargesteld.
Dat s' konings dispositie aangaande ontbrekende bewijzen van eigendom van voormelde plantage waaromtrent wij bij onze voormelde resolutie van den 25 maart des vorigen jaars no. 91 hebben te kennen gegeven met het ministerie te zullen corresponderen alhier nog niet bekend zijnde, en hij suppliant qq het voorgenomen transport ten behoeve van voormelden William Fraser om het daarin voor zijnen principaal voornoemden Henrij Davidson gelegen belang niet gaarne willende vertraagd zien, te rade is geworden ons voor te stellen het transport ten behoeve van voormelden kooper William Fraser tegedogen onder gelijke bepalingen als waaronder wij bij voormeld onze resolutie van den 25 maart 1824 no. 91 dat van A: Cameron qq op den suppliant voornoemden principaal hebben gepermitteerd.
Mitsdien verzoekende dat het ons behage onder de voorgestelde bepaling af te zien van het regt van naasting op den plaats hebbenden verkoop.
Herzien voormelde onze resolutie van den 25 maart 1824 no. 91 waarbij wij op den requeste van A: Cameron en in qualiteit als gemagtigden van den kolonel Colin Dundas Graham en diens echtgenoote Maria Magdalena de Jenatsch die destijds eigenaren waren van de voormelde plantage L' Esperance, hebben te kennen gegeven het door denzelve A: Cameron qq gedane verzoek om eenen nieuwen grondbrief voor dezelve plantage overeenkomstig het model gevoegd aan s' konings besluit van den 20 december 1820 no. 46 met dispensatie van het bepaalde bij art 2, 3 en 5 deszelven grondbriefs, aan het ministerie ter erlanging van zijner majesteits dispositie te zullen suppediteren en waarbij wij wijders aan den voornoemden toenmaligen suppliant qq hebben gepermitteerd om inmiddels en in afwachting van zijner majesteits dispositie het destijds voorgenomen tranport der voormelde plantage ten beoeve van genoemden Henrij Davidson te passeeren zulks met die bepaling nogtans, dat in de akte transport uitdrukkelijk wierd geinsereerd dat Henrij Davidson als kooper van gemelde plantage zich onderwierp aan en verpligte tot de nakoming van zodanige dispositie als het zijne majesteit behagen mogt te nemen en tot verzekering waarvan dezelve plantage cum annexis verbonden en executabel zouden blijven.
Gelet op onze missive aan het minsterie de 28 junij ll no. 88
Gelet dat op den overgang van den eigendom der dikwijls genoemde plantage L' Esperance van de genoemde vorige eigenaren op des suppliants pricipaal de drie percent transportgeregtigheid is voldaan.
Gelet dat weges dezelve plantage aan den lande niets achterstalligs verschuldigd is.
Hebben goedgevonden en verstaan.
1. Af te zien zoals wij afzien bij deze, van het regt van naasting op den verkoop door des suppliants principaal aan voornoemden William Fraser gedaan, zulks nogtans onder bepaling van uitdrukkelijke insertie in de ten behoeven van William Fraser te passeren akte transport en verpligting van dezen zodanig en in dien voege als zulks bij onze meergemelde resolutie van den 25 maart 1824 no. 91 ten opzigte van Henrij Davidson is bepaald, blijvende tot verzekering der stipte nakoming der verpligtingen zo van evengenoemden Davidson als van den tenwoordigen kooper W: Fraser de plantage L' Esperance cum annexis speciaal verbonden en executabel ; en waarvan in de alnu ten behoeve van denzelven Fraser te passeren akte transport mede uitdrukkelijk melding zal worden gemaakt.
2. Een extrakt dezer te doen uitreiken aan den suppliant qq tot deszelfs narigt.
3. Een afschrift dezer te doen toekomen aan den heer raad kontrarolleur van financien tot deszelfs informatie, met uitnodiging aan denzelven om de nodige orders te stellen tot het invorderen van de drie pc: transportgeregtigheid gevallen op den voormelden plaatshebbenden verkoop.
A: de Veer
ter ordonnantie van zijne excellentie
de secretaris van het gouvernement
J: G: Ringeling

Geeft met verschuldigden eerbied te kennen Mr: D: J: Presburg qq voor Henrij Davidson, dat des suppliants principaal voorn: H: Davidson deszelfs plantage L: Esperance gelegen aan de rivier Suriname heeft verkocht aan William Fraser in Berbice voor de som van een honderd vijf en veertig duijzend gulden Surinamsche kourant
Dat de suppliant qq ten behoeve van genoemden kooper evengemelde plantage legalijk willende transporteren, daartoe is behoevende uwer excellentie explicatie omtrent het regt van naasting
Dat voorn: Henrij Davidson van de vorige eigenaren legaal transport derzelve plantage heeft verkregen onder zodanige bepalingen als uwe excellentie bij deszelfs resolutie van den 25 maart 1824 no. 91 heeft gelieven daar te stellen
Dat 's konings dispositie aangaande de ontbrekende bewijzen van eigendom van voormelde plantage waaromtrent U: H: E: Gestrenge bij gemelde resolutie van den 25 maart 1824 no. 91 heeft gelieven te kennen te geven met het ministerie te zullen corresponderen, alhier nog niet bekend zijnde ende suppliant qq het voorgenomen transport ten behoeve van voormelde kooper William Fraser evenwel niet gaarne willende vertraagd zien, uithoofde van het daarin voor zijnen principaal voornoemde Henrij Davidson gelegen belang te rade is geworden U: H: E: G: voor te stellen het transport ten behoeve van voormelden William Fraser te gedogen, onder gelijke bepalingen als waaronder Uwe Excellentie bij voormelde resolutie van den 25 maart 1824 no. 91 dat van A: Cameron qq op des suppliants voornoemden principaal heeft gelieven te permitteren
En aangezien de supliant qq zich vleit dat dit middel Uwer Excellentie goedkeuring zal mogen wegdragen,
zo keert hij zich tot U: H: E: Gestrenge, eerbiediglijk verzoekende dat het Uwe Excellentie behage onder de voorgestelde bepaling aftezien van het regt van naasting op den plaats hebbenden verkoop
't welk doende
J: G: Ringeling
Paramaribo den 7 januarij 1825



 
Scoring_Disabled_MsgRespond to this message   
AuthorReply

(no login)
81.204.25.79

Rust en Werk

No score for this post
February 8 2004, 12:44 PM 

Beste meneer Dikland,

Ik heb op dit forum eerder vragen gesteld over de plantage Rust en Werk.
Is bij uw onderzoek deze plantage onder de loep genomen?
Zoja, zou u daarvan dan wat informatie kunen plubiceren?
Bij voorbaat dank,

Jeff van Aalst

 
Scoring_Disabled_MsgRespond to this message   
dikland
(no login)
206.61.43.244

rust en werk

No score for this post
February 12 2004, 12:28 AM 

Jeff,

Ik had al op die boodschap geantwoord ; kijk bij jouw eigen posting.
Binnenkort is de informatie ook beschikbaar via de plantagepagina van surinamehelpagina.
http://www.plantages.surinamehelppagina.com

groeten !

Philip Dikland


    
This message has been edited by 2buzzy van IP adres 212.64.13.93 on Apr 11, 2004 12:36 AM


 
Scoring_Disabled_MsgRespond to this message   

(no login)
200.2.160.162

L'Esperance aan de Parakreek

No score for this post
November 26 2008, 6:58 PM 

In de almanak van 1843 komt de plantage L'Esperance gelegen aan de linkerhand van de Parakreek voor.
De eigenaar was ene Arons P.A., terwijl de administrateur/direkteur ene Arons P.H. was.
Ik kom deze plantage nergens meer tegen.
Heeft iemand informatie over de plantage of de eigenaar van deze plantage?

 
Scoring_Disabled_MsgRespond to this message   
Current Topic - l' Esperance aan de Surinamerivier
  << Vorig Onderwerp | Volgend Onderwerp >>terug naar Index  
Find more forums on World HistoryCreate your own forum at Network54
 Copyright © 1999-2009 Network54. All rights reserved.   Terms of Use   Privacy Statement