F.W. Faerber was zaakgelastigde van de familie van Tholl, eigenaar van diverse plantages. Hope, Welgelegen, Hamilton en Inverness werden in 1825 ambtshalve door hem beheerd.
In 1889 was ene A. Faerber gezagvoerder op de plantage Oudersorg en Vriendsbeleid aan de Commewijne.
Bovengenoemde F.W. Faerber deed wel meer zaken in onroerend goed, blijkens bijvoorbeeld de volgende advertentie:
De Surinaamse Courant no.60: 29-07-1809
De Wed. J.H. BORGFELD presenteerd uit de hand te koop, haar huis in de Watermoolen straat; addres by dezelve of by F.W. FAERBER.
meer info over deze plantages bij www.surinamehelppagina.com in de sectie plantages.
===================
In de nieuwe oranjetuin te Paramaribo ligt een klein meisje begraven:
Faerber C. G.
"dochter van P. Faerber"
04-06-1839
30-04-1844
vlgns acte:"..in het huis L C No.... overleden is Christina Carolina Catharina, geboren te Suriname op 4 juni 1839, dochter van de comparant en Gerhardina Paulina Christina Meurs" de aangever is Pieter Faerber, vader van de overledene.
===================
In 1846 woonden er volgens de wijkregisters een aantal Faerbers in Paramaribo:
Aan de Steenbakkersgracht LDN 159 de kleurlinges Theodora en Maria Petronella Faerber, beroep niet genoemd, beiden Luthers. In het huis woonden in totaal 10 mensen, er waren geen slaven.
Aan de Maagdenstraat LCN 83b woonde de ambtenaar Pieter Faerber en Gerhardina P.C. Meurs, en voorts (hun kinderen ?) Pieter F. en Gerhardina P.S. Faerber. De Faerbers waren Luthers, Meurs was gereformeerd. Verder was er nog ene Johanna Rijzig, en 3 slaven.
Op de pagina van de wereldtentoonstelling, zie http://esf.niwi.knaw.nl/esf1996/project/surinam.htm
staat, dat de heer Faerber Landdrost was voor Coronie, dus in het jaar 1883. Daar zitten er aardig wat generaties tussen, maar een Landdrost is makkelijk te vinden in de literatuur en de bronnen.
Christel